Beleidsplan 2016-2023 - De baat gaat voor de kost

In de eerste jaren van de SvPO was het beleid geconcentreerd op het faciliteren van onderwijskundig onderzoek en het ondersteunen van uitgaven van lesmethoden voor vakgebieden die in het onderwijs ondergeschoven zijn, zoals filosofie. Onder mee de vertaling van de lessenreeksen van Paul Cleghorn voor filosofie op de basisschool als opstap naar het vervolgonderwijs en de ontwikkeling van de methode 'Denken door Filosofie' voor de onderbouw van de middelbare school zijn daar voorbeelden van. Deze lesmethoden worden gratis ter beschikking gesteld aan scholen en worden nog altijd veel gebruikt.

De periode na 2010 namen de schenkingen die we kregen door de toenemende bekendheid van persoonlijk onderwijs telkens toe. Waren in 2011 de baten net geen 45.000 euro, in 2014 zijn ze toegenomen tot bijna 130.000 euro. Voorzichtigheidshalve baseren we ons bij de selectie van bestedingen niet op de middelen die we in het lopende jaar binnen krijgen, maar op de middelen die we in kas hebben. De baat moet voor de kost gaan, zouden we kunnen zeggen. Door de gestage stijging van de schenkingen resulteert dat in een telkens groeiend batig saldo. Dat is niet te beschouwen als eigen vermogen, maar als potentieel voor bestedingen die in de direct opvolgende jaren gedaan kunnen worden. Een batig saldo wordt dan ook niet belegd, maar eenvoudigweg aangehouden op rekening courant. Met enige vertraging op de toegenomen inkomsten waren we in staat om meer lesmethoden te laten ontwikkelen en ter beschikking te stellen. Ook hebben we aanvragen voor nieuwe scholen voor persoonlijk onderwijs kunnen ondersteunen.

De komende beleidsperiode beslaat de jaren 2016 t/m 2023. We verwachten dat de stijgende populariteit van en aandacht voor persoonlijk onderwijs zal leiden tot een toename van de ontvangen gelden. Dat stelt SvPO in staat om een aantal belangrijke doorbraken te bereiken. We willen deze periode het volgende bereiken:

  1. De ontwikkeling van lesmethoden voor persoonlijk onderwijs voltooien voor alle schoolvakken en leerjaren van het voortgezet onderwijs. Dit is een ambitieuze doelstelling omdat tegelijk ook alle opgaven gedigitaliseerd moeten worden. Het is wel erg belangrijk dat dit gerealiseerd wordt, omdat het een blijvende impact heeft voor het persoonlijk onderwijs.
     
  2. Bijdragen aan scholen geven voor het aanstellen van extra docenten. Dit is een goed lopend programma waar scholen in toenemende mate gebruik van maken.
     
  3. De negen scholen voor persoonlijk onderwijs waarvoor de Minister van OCW inmiddels toestemming heeft gegeven helpen bij de opstart. Het gaat hierbij om kosten voor juridisch advies, onderzoeken die gemeenten of het Ministerie van OCW verlangen, kosten van overleg en werving van leerlingen en docenten. Het gaat om scholen in: Amsterdam, Hoorn, Utrecht, Deventer, Hengelo, Geldermalsen, Tietjerksteradiel, Kapelle en Tilburg.
     
  4. Het concept van persoonlijk onderwijs onder de aandacht brengen en hiervoor ouders en docenten enthousiast te maken. Dat doen we in het bijzonder met online advertenties.
     
  5. De huisvesting van scholen helpen bekostigen. Vooral als gemeenten werken met 'doordecentralisatie' is het voorzien in huisvesting een flinke drempel voor de start van een school. Het is dan namelijk de school zelf die voor huisvesting moet zorgen en niet de gemeente. De gemeente geeft alleen een bijdrage per leerling, maar die worden pas de jaren na de start van de school ontvangen - met het risico dat ze zelfs nooit ontvangen worden als de school onvoldoende leerlingen weet te werven. Het precieze moment waarop hiervoor bijdragen van de SvPO nodig zullen zijn is lastig te bepalen, wel is zeker dat het in deze beleidsperiode zal zijn. Het kan echter heel goed pas aan het eind van deze periode zijn, waardoor er enkele jaren een saldo opgebouwd wordt op de bankrekening. Dit saldo zal de SvPO in de tussentijd niet beleggen, maar gewoon aanhouden op de rekening courant tot het moment dat de uitgave voor de aanvragende school gedaan wordt. De bijdragen kunnen betrekking hebben op kosten voor de verwerving van grond voor nieuwbouw, voor de aankoop van een bestaand gebouw of voor de kosten voor nieuwbouw.

Uiteraard hangt de mate waarin we dit kunnen realiseren af van de gelden die we zullen ontvangen.

Werving

De middelen van de stichting komen uit giften van ouders en van scholen waarvoor tegen een lage kostprijs werkzaamheden verricht worden.

De kantoor- en overheadkosten van de stichting zijn gering. Het bestuur ontvangt ten hoogste een vrijwilligersvergoeding.

Vermogensbeheer

Het komt voor dat er voor batige saldi niet direct een bestemming is, omdat zich de gelegenheid moet voordoen tot een zinvolle investering. Batige saldi worden niet belegd, maar aangehouden op de rekening courantrekening (van ING).

Vastgesteld op 21 november 2015

Geprolongeerde versie vastgesteld op 20 december 2020

Meerjarig beleidsplan

De activiteiten die de SvPO steunt hebben vaak een lange tijdshorizon. Het ontwikkelen van lesmethoden neemt bijvoorbeeld meerdere jaren in beslag. Ook het oprichten van een nieuwe middelbare school vergt een lange adem (er is een wettelijk bepaalde termijn van in totaal tenminste vier jaar).

Het is daarom zinvol om voor de beleidsplannen ook een meerjaren perspectief te kiezen. Het eerste beleidsplan betrof de vier jaren van 2007 t/m 2010. Daarna is gekozen voor een horizon van vijf jaar met het beleidsplan voor 2011 t/m 2015 en vervolgens voor 2016 t/m 2020. Omdat de doelen in de laatste periode nog niet alle gerealiseerd zijn, is dit plan met enkele aanpassingen geprolongeerd t/m 2022.


"Ik ben jarenlang directeur van een school voor havo-vwo in Leeuwarden geweest. In de jaren heb ik de klassen zien groeien naar soms 32 leerlingen. Het is dan een zegen te zien dat het ook anders kan. Deze vorm van onderwijs zou in heel Nederland geïntroduceerd moeten worden."

Gerben Kazemier - Docentbegeleider